| BEDRIJFSPROFIEL |
| VERSLAGEN / PRESENTATIES |
| KENGETALLEN |
| DIRECTORS' DEALINGS |
| PERSBERICHTEN |
| FINANCIËLE AGENDA |
| FAQ |
| CONTACT |
INVESTOR RELATIONS: BERICHTEN
NB: lees de disclaimer aan het eind van dit bericht
Zug, 19 augustus 2008 Ook het tweede kwartaal van 2008 werd, evenals de eerste drie maanden, gekenmerkt door stijgende prijzen voor koolzaad- en sojaolie, hooggesubsidieerde biodiesel import van overzee (B99) en tevens de hoge belastingen van 15 eurocent per liter, zodat de marges onder druk bleven staan. Toch verliep het tweede kwartaal voor het Biopetrol concern - zoals verwacht - beter dan het eerste. Het lukte om de internationale handel met biodiesel en biodieselcomponenten te versterken door gebruikmaking van de logistieke voordelen van de zeehavens Rotterdam en Rostock De omzet steeg ten opzichte van het eerste halfjaar van 2007 (92,4 miljoen euro) met 51,3% naar 139,9 miljoen euro Daarbij steeg de omzet in het tweede kwartaal van 2008 met 83,3 miljoen euro behoorlijk ten opzichte van het eerste kwartaal van 2008, (56,6 miljoen euro). BIOPETROL verkocht in het eerste halfjaar van dit jaar 138.307 ton biodiesel (eerste halfjaar van 2007 116.729) en 5.557 ton farmaceutische glycerine (vorig jaar 7.341 ton).
De prijsontwikkeling op de Duitse dieselmarkt bracht een kleine verlichting tot stand, omdat het prijsverschil tussen biodiesel en fossiele diesel bij de tankstations, vaker dan in het eerste kwartaal, de voor de biodieselafzet in de B100 markt noodzakelijke 10 eurocent verschil met de fossiele dieselprijs bereikte. De invoering van een bijmengingspercentage van 5% van de huidige hoeveelheid volume voerde daarentegen ook in het tweede kwartaal, noch met betrekking tot de waarde, noch met betrekking tot de hoeveelheid, tot een door de politiek verwachte verbetering van de afzetsituatie, omdat de markt zich verder van goedkopere import (B99) bedient of de lagere importprijzen bij de onderhandelingen met de Europese biodieselindustrie als benchmark gebruikt. Als gevolg hiervan hebben ook in het tweede kwartaal opnieuw meerdere biodieselproducenten hun installaties stilgelegd of hun faillissement aangekondigd. Vele van de nog producerende installaties worden ver onder hun productiecapaciteit benut.
Op 30 juni 2008 bedroeg het personeelsbestand bij Biopetrol in totaal 153 medewerkers (eind 2007: 120). De recente toename is geheel terug te voeren op de aanstelling van medewerkers in de fabriek te Rotterdam, die de inbedrijfstelling voorbereiden.
Marges blijven onder druk staan
De hoge grondstofprijzen, stijgende energiekosten evenals de voorloopkosten in samenhang met de bouw van de fabriek in Rotterdam verhinderen nog steeds dat de resultaten gelijk opgaan met de omzetontwikkeling. Aan de aanbodzijde zetten de goedkope import van B99 uit Amerika en de Europese overcapaciteit de marges extra onder druk. Het resultaat vóór rente, belastingen en afschrijvingen (EBITDA) daalde in het eerste halfjaar naar –1.605.000 euro (vorig jaar 4.556.000 euro) en het resultaat vóór rente en belastingen (EBIT) nam af naar –3.179.000 euro (vorig jaar 3.143.000 euro). Dienovereenkomstig gingen de EBITDA- en EBIT-marges naar –1,1 (vorig jaar 4,9)%, respectievelijk –2,3 (vorig jaar 3,4)% terug. Het aandeel in de tijd van het nettoverlies van het concern bereikte –7.148.000 euro, na een winst van 2.695.000 euro in het eerste half jaar van het voorgaande jaar. Vergeleken met het eerste kwartaal van dit jaar is er echter een duidelijke vooruitgang in het jaarverloop te zien. Eind maart 2008 bedroeg het EBITDA nog –5.521.000 euro en het EBIT –6.314.000 euro. Het netto concernverlies bleef ten opzichte van eind maart 2008 bijna onveranderd, m.a.w. het tweede kwartaal werd bijna “op nul” afgesloten. Het resultaat bevat een waarderingswinst ten opzichte van eind 2007 van 1.848.000 euro als gevolg van de waardebepaling volgens International Financial Reporting Standards (IFRS) derivaten financiële instrumenten en een voorziening voor potentiële verliesgevende verkoopcontracten tegen marktprijzen op de van toepassing zijnde data. Zonder deze effecten, zou het halfjaar resultaat (vóór belastingen) met dit bedrag verminderd zijn. Het zuivere resultaat per aandeel wordt evenals het voorgaande jaar op basis van 37.000.000 aandelen vastgesteld. Het bereikte aan het einde van het eerste kwartaal –0,19 euro en bleef gedurende het eerste halfjaar onveranderd. In dezelfde periode afgelopen jaar bedroeg het aandeel 0,07 euro.
Negatieve cashflow — maar een solide financieel fundament
De operatieve cashflow stond in de periode januari tot juni 2008 met 17.382.000 euro in de min. Deze ontwikkeling is toe te schrijven aan de bij het bedrijfsverloop horende veranderingen, voornamelijk op het gebied van de voorraden, vorderingen uit leveringen en prestaties en overige vermogenswaarden (samen –13.801.000 euro) evenals de operatieve verliezen. De cashflow uit investeringsactiviteit (inclusief een gedeeltelijke terugbetaling van verkregen subsidies) lag bij –11.917.000 euro. De cashflow uit financieringsactiviteiten wordt beïnvloed door de eerste uitbetaling van de rente voor de converteerbare obligatielening (3.000.000 euro) en de toepassing voor de eerste keer van een deel van de kredietfaciliteit voor de financiering van het bedrijfskapitaal. De Biopetrol groep heeft al sinds 2007 een kredietfaciliteit voor de financiering van bedrijfskapitaal bij een eerste klas kredietinstituut. Deze staat de financiering toe van lopende zaken tot een bedrag van 30.000.000 euro. Op de balansdatum bedroegen de korte termijn financiële schulden 5.461.000 euro. BIOPETROL beschikte op de datum over 3.742.000 euro aan lopende middelen. De relatie tussen eigen en vreemd vermogen ligt vergeleken met het eind van 2007 slechts licht veranderd bij 37,6% (31.12.2007: 38,3%).
Vooruitzicht
BIOPETROL verwacht het er in een aanhoudend zeer moeilijke marktomgeving beter af te brengen dan de concurrenten. BIOPETROL lukt het steeds beter de goede locaties, de moderne techniek en de productie van farmaceutische glycerine te benutten. De komende maanden zullen we bovendien gekenmerkt zien door goede oogsten van olieplanten, een minder intensieve speculatie in grondstoffen, tenminste een afname in omvang van hooggesubsidieerde B99-import, het verplichte gebruik van grondstoffen uit duurzame bronnen, de ontlasting van de markt door afname van overcapaciteit, toenemende interesse van alle Europese landen voor het gebruik van biodiesel, de start van verplichte bijmenging van alternatieve brandstoffen in de V.S. en een Europese energiepolitiek die weer meer georiënteerd is op het oorspronkelijke doel van de verzorgingszekerheid.
Er wordt onder hoogspanning gewerkt aan nieuwe toepassingsgebieden voor biobrandstoffen. Zo heeft de werkgroep ‘biostookolie’ van de vakcommissie voor mineraalolie- en brandstofnormering een voornorm voor alternatieve stookolie ingediend. Op de „International Oilseed Producers Dialogue (IOPD)“ van 16 en 17 juni 2008 hebben zich de vertegenwoordigers van de producentenverenigingen voor een op duurzaamheid, maar ook de op een stijgende productiviteit afgestemde oliezaden-respectievelijk plantenolieproductie uitgesproken, die zowel het gebruik in levensmiddelen en veevoeder alsook het stoffelijke en energetische gebruik omvatten. De dialoog maakte opnieuw duidelijk, dat duurzame biodieselproductie niet concurreert met levensmiddelenproductie, maar deze zelfs aanvult door een zinvolle benutting van overtollige plantenoliën bij de fabricage van veevoeder.
Over het bedrijf
BIOPETROL INDUSTRIES AG, dat in Zug (Zwitserland) is gevestigd, produceert en distribueert met haar Duitse, Nederlandse en Zwitserse dochtermaatschappijen biodiesel en farmaceutische glycerine van de hoogste kwaliteit. Tot de klanten behoren olie-industrie en -handel, grote vlooteigenaren, openbaar streekvervoer, evenals de landbouw- en bouwsector. Bovendien wordt bioglycerine in farmaceutische kwaliteit geleverd aan de farmaceutische en cosmetische industrie.
Op dit moment heeft BIOPETROL INDUSTRIES AG in Schwarzheide en Rostock productiecapaciteiten van ongeveer 300.000 ton biodiesel en 30.000 ton farmaceutische glycerine per jaar. In Rotterdam bouwt BIOPETROL een fabriek met een productiecapaciteit van 400.000 ton biodiesel en 60.000 ton bioglycerine per jaar. Tot eind 2008 moet de jaarlijkse capaciteit dan ruim worden verdubbeld naar in totaal 750.000 ton biodiesel. Verdere uitbreiding van de capaciteit in Rotterdam wordt op dit moment voorbereid. Er wordt actief gewerkt aan de uitbreiding van het productassortiment op basis van het bijproduct bioglycerine.
Disclaimer
Dit bericht is noch een aanbod tot verkoop noch een verzoek om een aanbod tot aankoop van of inschrijving op waardepapieren. Dit bericht en de daarin opgenomen informatie is niet bedoeld voor directe of indirecte verspreiding naar of binnen de Verenigde Staten van Amerika, Canada, Australië of Japan.
![]()